Alle objecten die geen woning zijn, worden aangeslagen als bedrijfsruimte. Het gaat daarbij meestal om gebouwen. Ook kan het gaan om bijvoorbeeld een terrein/afspuitplaats voor werktuigen waar afvalwater van afgevoerd wordt. Ook scholen, winkels, kamerverhuur, zorginstellingen, kantoren, werkplaatsen, en dergelijke, vallen onder de noemer bedrijfsruimte.
U krijgt een aanslag zuiveringsheffing als uw bedrijfsruimte is aangesloten op de riolering of een zuiveringtechnisch werk.
U wordt aangeslagen voor verontreinigingsheffing als uw bedrijfsruimte niet is aangesloten op de riolering of een zuiveringtechnisch werk. In deze heffing kan het bij voorbeeld gaan om koelwater of het effluent van een eigen zuiveringsinstallatie.
Het tarief voor de zuiveringsheffing is gelijk aan dat van de verontreinigingsheffing.
Het tarief voor 2010 is € 55,00 per vervuilingseenheid.
We bepalen het heffingsbedrag op basis van het aantal vervuilingseenheden (v.e.). Een v.e. staat voor de hoeveelheid vervuiling die een persoon gemiddeld per jaar produceert en loost. De basisregel is dat het aantal v.e. wordt berekend aan de hand van meting en bemonstering van uw afvalwater.
Maar voor de meeste bedrijven kunnen we ermee volstaan het aantal te bepalen op basis van het waterverbruik. We gebruiken daarvoor de volgende formule: waterverbruik in m³ x afvalwatercoëfficiënt = het aantal v.e.
Komt het berekende aantal v.e. uit tussen 0 - 1 v.e., dan is de aanslag 1 vervuilingseenheid
Komt het berekende aantal v.e. uit tussen 1 - 5 v.e., dan is de aanslag 3 vervuilingseenheden
Komt het berekende aantal v.e. uit boven de 5 v.e. dan wordt deze afgerond op 1/10 v.e.; bijvoorbeeld 5,3 v.e.
Kassencomplexen krijgen de aanslag zuiverings- of verontreinigingsheffing opgelegd naar de oppervlakte van de totale glasopstand. Hierbij geldt de regel dat 1 hectare gelijk staat aan 3 vervuilingseenheden.
Het kan zijn dat u water gebruikt voor uw gewassen, dieren of voor het besproeien van bijvoorbeeld een voetbal- of tennisveld. Het gebruik van dit water belasten we niet. U moet wel zelf aantonen om hoeveel water het gaat zodat het waterschap hiermee rekening kan houden bij het berekenen van de hoogte van de aanslag. Het aantonen kan geschieden middels een tussenwatermeter. Schattingen worden niet geaccepteerd.
Voor een nadere uitleg verwijzen we u ook naar de bijsluiter die u ontvangt bij het aanslagbiljet.
